Ik weet het, ik weet het best. Ik ben de officiële leeftijd van kind-zijn al even overschreden. En toch… De gedachte aan de Sint doet altijd een beetje dromen.

Magie

Wie wil er niet geloven in een magische wereld waarin schimmels op een dak lopen en mannen in een raar pak door de nacht zwerven? Laat maar komen! Vooral als dit trio jouw schoentje vult met moois, leuks en lekkers.  Gewoon, zomaar, omdat je kind bent, omdat het zes december is en omdat je naar het schijnt een heel jaar braaf bent geweest. Dat laatste is dus echt waar he!

Rare jongens

Een beetje gek aan de man met de baard en de mijter en zijn grappige metgezel Piet, is dat hij schijnbaar uit Spanje komt, en er bovendien in Nederland en België andere gewoontes op nahoudt. Kan je nog volgen?  Maar ja, van een man die overal tegelijk zijn intrede doet, kan je natuurlijk weinig anders verwachten.

Levensles

Eigenlijk leert de Sinternij ons veel over Het Leven. In de tijd dat er nog geen stickers bestonden als “geen ongeadresseerde reclame aub” of dergelijks, was het in de weken vooraf smullen van de dikke boekjes vol speelgoed uit allerlei winkels. Je leerde uitkijken naar dingen, dromen koesteren en fantaseren over wat allemaal niet mogelijk zou zijn.

Tegelijkertijd wist je ergens achter in je hoofd heel erg goed dat zelfs de Goedheilige Man ook maar een mens is met niet altijd even goede smaak en een begrensd budget. Kortom, dat wat je vroeg en wat je kreeg net even wat anders kon, nee, zou zijn. De keiharde lessen van het leven, quoi! 😉 

Maar je vergaf die man en zijn gevolg met heel je hart. Wat kon het je na dat eerste knauwtje in je buik ook schelen. Dit hele gedoe was immers zoooo leuk! De mooie brief schrijven, 5 december voor je naar bed gaat samen met de broers je schoentje zetten, de wortel, het pintje en de suikerklontjes erbij. (Raden maar wie wat opsmikkelde) En dan… In je bedje, in die kamer met houten rolluiken met spleetjes ertussen… Je wilde heel erg graag geloven dat je een schaduw zag voorbijgaan. De zwarte vlek was veel te groot om van zomaar een mens te zijn. Het was duidelijk een man op een paard. Ssssst… Stilletjes blijven liggen. Stel je voor dat je het net op de valreep zou verpesten door toch iets stouts te doen. Dat risico wou ik zeker niet nemen… En tot slot, wat je ook zou krijgen, de absolute zekerheid dat er mandarijnen, speculaas, maar vooral: chocoladen ventjes zouden zijn.

Het leven was goed

Het had iets heel guls, die zesde december in de ochtend. Ik had er natuurlijk geen woorden voor als kind, maar je voelde je net alsof je de overvloed van het leven vierde. De wereld was goed, ondanks je kleine en grote zorgen, zo samen aan tafel met de familieclan waartoe je behoort. Zo samen in je gekreukte slaapplunje, versleten sloefen, je peikenhaar en je nog wat stinkende bek. Want de wetenschap dat de Goedheilige Man was langsgekomen, maakte alles goed…

De realiteit anno nu

Nu heb ik een probleem. Al jaren zet ik mijn schoen, maar de mannen schijnen mijn huisje moeizaam te vinden. Al 18jaar missen ze deze halte.  Maar niet getreurd, dit volwassen kind gaat dan maar gewoon zelf naar de winkel. Ok, je betaalt er dan voor en dat is dan een beetje raar misschien voor iets wat je krijgt, maar dat kan de pret niet drukken, toch?

Tot slot

Zal ik trouwens nog een nieuw bommetje poneren? Pietenkwestie, alle begrip, zolang je de kinderen niet traumatiseert. Daar kunnen we het allemaal over eens zijn. Maar iemand ooit al bedacht waarom dat het in deze tijd eigenlijk altijd mannen zijn? Waarom zou een Sintse met lange grijze haren niet op daken kunnen lopen? Niks tegen de mannelijke helft van de mensheid, maar wordt het niet hoog tijd om quota in te stellen voor de functie van (hulp)sint, Piet en Mooiweervandaag? Kan je je daar weer even over bezinnen terwijl je gedachteloos het zoveelste chocolade vrouwtje opsmikkelt…